Archief - HC woensdag 9 mei 2007

Beschrijving van het programma

20.00 – Laat diversiteit jouw leven verrijken – Column door Halleh Ghorashi

Halleh Ghorashi is in 1988 als politiek vluchtelinge uit Iran naar Nederland gekomen. Van 1989 tot 1994 studeerde zij culturele antropologie aan de VU, en in 2001 promoveerde ze op Ways to Survive, Battles to Win: Iranian Women Exiles in the Netherlands and the U.S. te Nijmegen. Sinds 2005 is ze bijzonder hoogleraar Management van diversiteit en integratie, in het bijzonder de participatie van vrouwen uit etnische minderheidsgroepen, aan de Vrije Universiteit. Deze leerstoel is op initiatief van de commissie PaVEM (Participatie van Vrouwen uit Etnische Minderheidsgroepen) mogelijk gemaakt door het Ministerie van Justitie, het Oranje Fonds en de Vrije Universiteit.

20.15 – Marjan Schwegman: Van Gualberta Alaide Beccari tot het NIOD – Interview met de nieuwe NIOD-directeur Marjan Schwegman

Sinds 1 maart 2007 is Prof. Dr. M.J. (Marjan) Schwegman, voormalig directeur van het Koninklijk Nederlands Instituut in Rome, Hans Blom opgevolgd als directeur van Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD). Het instituut herbergt verschillende archieven van de Duitse bezetting van Nederland en de Japanse bezetting van Nederlands-Indië, evenals illegale kranten en pamfletten, affiches en foto's, boeken en artikelen.

Schwegman is gespecialiseerd in de geschiedenis van het moderne Italië, en in haar werk keert het thema van de collectieve en individuele herinnering aan oorlogen en andere traumatische gebeurtenissen geregeld terug. Op dit moment is zij bezig met een onderzoek naar de (inter-)nationale beeldvorming rond strijders als Giuseppe Garibaldi en Simon Bolivar. In het interview zullen we ingaan op haar hele loopbaan, met bijzondere aandacht voor de vraag wat haar aanstelling betekent voor het NIOD.

Marjan Schwegman (1951) promoveerde in 1989 aan de UvA op Feminisme als boetedoening. Biografie van de Italiaanse schrijfster en feministe Gualberta Alaide Beccari (1842-1906). In 1999 publiceerde ze de biografie Maria Montessori 1870-1952. Kind van haar tijd, vrouw van de wereld. Schwegman is naast NIOD-directeur tevens als universitair hoofddocent verbonden aan de afdeling Politieke Geschiedenis van het Instituut voor Geschiedenis van de Universiteit Utrecht, en als Bijzonder Hoogleraar Vrouwengeschiedenis aan dezelfde universiteit.

21.00 uur – Pauze

21.15 uur – Nieuwe Nederlanders, nieuwe Amerikanen. Over joden, Ieren, Italianen en Mexicanen en wat de geschiedenis ons over integratie leert – Debat met Bart Wallet en Frans Verhagen

De vraag hoe immigranten in de samenleving kunnen integreren, is niet nieuw en van ervaringen in het verleden kunnen we dan ook veel leren; daarover zijn Frans Verhagen en Bart Wallet het wel eens. Maar wat is het meest effectieve overheidsbeleid? Daarover verschillen ze van mening.

In Nieuwe Nederlanders beschrijft Bart Wallet hoe de joden in het begin van de negentiende eeuw succesvol in de Nederlandse samenleving integreerden. De joodse elite werkte graag met de overheid samen bij het beschaven en integreren van de eigen gemeenschap. Men zette in op centralisatie van de gemeenschap, zodat een helder en eenduidig gezag werd gecreëerd, op basis waarvan vervolgens de stap naar nationalisering gezet kon worden. Het transformatieproces leidde tot een nieuwe Nederlands-joodse identiteit die niet minder joods was dan de vroegere variant van het jodendom. Wallet meent dat zijn groepsportret van gesoigneerde joodse aristocraten en gebrekkig Nederlands schrijvende dorpsjoden ook lessen voor de hedendaagse moslimgemeenschap kan bieden.

cover van The American Way In The American Way beschrijft Frans Verhagen wat Nederland kan leren van het meest succesvolle immigratieland. Hoe verschillend de miljoenen Duitsers, Ieren, Britten, Chinezen, Polen, Russen en Mexicanen ook waren, in groten lijnen maakten ze een gelijksoortige ontwikkeling door. Nieuwkomers zoeken elkaar op en gebruiken hun etnische gemeenschap als springplank naar integratie in de brede samenleving. De tweede generatie botst vaak met de nieuwe samenleving, maar na drie of vier generaties zijn immigranten en hun nakomelingen in de meest fundamentele zin geïntegreerd, waarbij ze juist hun culturele achtergrond behouden. Overheidsbeleid, betoogt Frans Verhagen, werkt voornamelijk averechts. We moeten het vooral aan nieuwkomers zelf overlaten om de integratie tot stand te brengen.

Zijn de Amerikaanse ervaringen zonder meer van toepassing op Nederland? In hoeverre is een beleid uit de tijd van koning Willem I nu nog relevant? En hoe zit het met concrete vragen naar het al dan niet vasthouden aan de moedertaal of het wel of niet opzetten van eigen onderwijs? Daarover een historisch én actueel debat.

Bart Wallet studeerde geschiedenis en Hebreeuws aan de Universiteit van Amsterdam, waar hij vervolgens als promovendus onderzoek verrichtte naar Jiddische geschiedschrijving uit achttiende-eeuws Amsterdam. In mei 2007 verschijnt van zijn hand Nieuwe Nederlanders. De integratie van de joden in Nederland (1814-1851). Het boek is bekroond met de Hartog Beemprijs 2005-2006.

Frans Verhagen was Amerika-correspondent voor Intermediair, Het Financieele Dagblad, de Volkskrant en de VARA-radio. Van 1993 tot 2003 was hij uitgever van het tijdschrift Amerika. Onlangs schreef hij het boek The American Way. Wat Nederland kan leren van het meest succesvolle immigratieland (Nieuw Amsterdam, 2006). Tevens beheert hij de website www.amerika.nl.

22.00 – Nabomen in café P96

Met dank aan

Het Historisch Café van woensdag 9 mei wordt mede mogelijk gemaakt door uitgeverij Nieuw Amsterdam (www.nieuwamsterdam.nl) en Athenaeum Boekhandel (www.athenaeum.nl).

Athenaeum Boekhandel biedt de mogelijkheid de te bespreken titels aan te schaffen tijdens dit Historisch Café.

Naar de archiefindex Naar boven

Laat diversiteit jouw leven verrijken!

We zijn vaak geneigd te denken dat reizen of het lezen van vertaalde romans onze kennis van de wereld vergroot en ons rijker aan ervaringen maakt. Het is ook niet voor niets dat de Duitse filosoof Georg Gadamer elke vertaling van een boek een nieuwe schepping noemt. Een creatie waarbij het niet alleen om het vertalen van woorden gaat, maar om het verbinden van werelden. Juist in deze tekstuele ontmoeting van culturen wordt volgens Gadamer een nieuwe creatie geboren waarin horizon-versmelting (Versmeltung) plaatsvindt. En dat is de kracht van een goede boekvertaling: het is geen letterlijke vertaling van woorden, maar de kunst om werelden te verbinden.

Migranten kunnen ook worden gezien als vertalers, die constant bezig zijn diverse werelden met elkaar te verbinden. Zowel een migrant als een vertaler beweegt zich in een toestand van zogeheten 'in-betweenness', een soort tussentoestand, waarin zij tegelijkertijd met ten minste twee referentiekaders te maken hebben en pogingen doen om deze twee met elkaar te verbinden. Niet elke vertaler slaagt erin om deze verbinding op een mooie wijze mogelijk te maken en niet elke migrant slaagt erin het beste uit diverse culturen met elkaar te combineren. Maar het bestaan van deze situatie van 'in-betweenness' is een gegeven dat op zichzelf al een potentiële basis kan zijn voor verrijking en vernieuwing.

We zijn als mensen min of meer gevangen in de vanzelfsprekendheid van onze culturen en gewoonten. Als kind groeien we op binnen culturele grenzen en systemen. De Franse socioloog en filosoof Pierre Bourdieu gebruikt de term 'habitus' voor het proces waarmee iemand bepaalde elementen van de eigen cultuur internaliseert. Delen van deze culturele habitus worden bewust ervaren. Er zijn ook elementen waar we ons niet altijd op rationeel niveau bewust van zijn, maar die wel sterk doorwerken in ons doen en laten. Vaak is het zo dat praktisch bewustzijn, ofwel weten hoe we horen te handelen, genoeg is om onszelf te redden. Maar soms willen we als individuen meer dan alleen onszelf op praktisch niveau kunnen redden. Op sommige punten willen we weten waarom we bepaalde keuzes maken en waarom niet. Waarom we bepaald gedrag als normaal beschouwen en ander gedrag niet. De vrije geesten willen weten op welke wijze hun gedrag wordt gedisciplineerd door culturele patronen en vooral hoe ze, voor zover mogelijk, zich kunnen bevrijden van de dwingende aspecten van deze patronen.

Het feitelijke noodlot van verplaatsing heeft als gevolg dat een migrant, in alles wat hij/zij doet of meemaakt, met een vergelijking te maken krijgt tussen diverse referentiekaders. Niets kan als vanzelfsprekend gezien worden, want er is sprake van een constante vertalingsslag tussen verschillende culturele patronen en praktijken. Dit betekent dat een migrant bij voorbaat een tweeledig perspectief heeft, waardoor niets op zichzelf en vast staat. Deze constante vertaling van praktijken maakt het mogelijk voor migranten om dingen niet simpelweg te zien zoals ze zijn, maar zoals ze tot stand zijn gekomen, gelet op historische keuzes en maatschappelijke context.

Door de constante vertaling van diverse referentiekaders en aandacht voor de processen die voorafgaan aan het handelen, wordt een migrant gedwongen om te reflecteren op de dagelijkse praktijken die door velen als vanzelfsprekend worden beschouwd. De toestand van 'in-betweenness' maakt het mogelijk dat migranten zich kunnen onttrekken aan, en zich daardoor ook kunnen bevrijden van, de macht van de vanzelfsprekendheid, dus ook van de onbewuste patronen van hun eigen culturele habitus.

Een andere grote denker, Edward Said, gebruikt deze situatie van 'in-betweenness' van migranten (al noemt hij hen ballingen) als metafoor voor de ware intellectuelen. Ware intellectuelen zijn net migranten die nergens tot rust kunnen komen. Ze nemen er geen genoegen mee te zijn wat van hen verwacht wordt, maar zijn voortdurend op zoek naar nieuwe manieren om zichzelf te definiëren en te positioneren. De ware intellectuelen willen als het ware nooit inburgeren. Ze zetten zich af tegen de vastgeroeste, als vanzelfsprekend beschouwde patronen van hun eigen cultuur en samenleving en worden daardoor bewakers van vernieuwing en van de vrije geest. Zelfs als ze door hun positie in het centrum van de macht verkeren, blijven ze zich als intellectueel marginaal positioneren.

"Ik stel echter wel dat de intellectueel, wil hij even marginaal en onbeteugeld zijn als balling [ofwel migrant], veeleer moet openstaan voor de reiziger dan voor de machthebber, voor het onzekere en hachelijke dan voor het gewone, voor vernieuwing en experiment dan voor de van hogerhand opgelegde status quo. De intellectueel in ballingschap geeft geen gehoor aan de logica van het conventionele, maar aan de vermetelheid van de durf; hij belichaamt verandering en vooruitgang, niet stilstand." (Said, Edward: "Intellectuele ballingschap: ballingen en marginalen", in : Manifestaties van de intellectueel (Amsterdam/Antwerpen: Atlas, 1995) 65-83; citaat op p. 83).

In deze zin is je in de marge bevinden geen toestand van geïsoleerd zijn, maar juist een voorwaarde voor een mogelijk vrij zijn van de beknellende banden van de vanzelfsprekendheid; een voorwaarde om op een krachtige manier anders te zijn. Het gaat erom je eigen plek of je eigen subjectiviteit op te eisen wanneer de gemakkelijkste weg zou zijn om mee te gaan met de stroom of weg te zinken in alledaagse routinematigheid.

Laten we de potenti&eum;le kracht van de migranten zien als de kracht van vertalers die culturen verbinden door een constante productie van nieuwe creaties. Laten we ze zien als metafoor voor het Nederland van de toekomst. Een Nederland dat als een reiziger durft te experimenteren met de grenzen van de ander om in beweging te kunnen blijven. Een Nederland dat de aanwezigheid van diverse culturen niet als bedreiging, maar als uitdaging ziet voor de toekomst. Een toekomst waarin deze uitdaging niet heeft geleid tot een angstige houding ten opzichte van vreemdelingen, met als gevolg een krampachtig vasthouden aan de oude gewoontes en praktijken. Maar een toekomst waarin deze nieuwe uitdaging heeft geleid tot het ontwikkelen van nieuwe bronnen van gemeenschappelijkheid. Een toekomst waarin krachtige visies zijn ontwikkeld tegen de meest kwetsbare kant van democratie: haar populistische drang naar vastigheid en status quo. In die toekomst wordt de kracht van diversiteit onderkend als basisvoorwaarde voor reflectie, die het mogelijk maakt om Nederland het land te laten zijn van vernieuwing en innovatie.

Pas dan wordt het mogelijk om naast praktische inburgering, intellectuele uitburgering mogelijk te maken of zelfs te faciliteren, zodat de vrije geesten zich in vrijheid kunnen positioneren en in staat zijn de reizigers en vertalers te blijven die de vernieuwing in elke samenleving mogelijk maken.

Halleh Ghorashi, 9 mei 2007

(Deze tekst is eerder voorgedragen tijdens het IVI-Gala ('Inspiratie voor Integratie') op 23 maart 2007 te Amsterdam)

Naar de archiefindex Naar boven

Karikatuur

Historisch Café 09-05-2007 - karikatuur door Gijs Sevenhuijsen

Naar de archiefindex Naar boven

Foto´s

U vindt hier een foto-impressie van het Historisch Café van 9 mei 2007. Klik op de foto´s om een grotere versie te bekijken.

Historisch Café 09-05-2007 - foto 1 Historisch Café 09-05-2007 - foto 2 Historisch Café 09-05-2007 - foto 3 Historisch Café 09-05-2007 - foto 4
Historisch Café 09-05-2007 - foto 5 Historisch Café 09-05-2007 - foto 6 Historisch Café 09-05-2007 - foto 7 Historisch Café 09-05-2007 - foto 8
Historisch Café 09-05-2007 - foto 9 Historisch Café 09-05-2007 - foto 10 Historisch Café 09-05-2007 - foto 11 Historisch Café 09-05-2007 - foto 12
Historisch Café 09-05-2007 - foto 13 Historisch Café 09-05-2007 - foto 14 Historisch Café 09-05-2007 - foto 15 Historisch Café 09-05-2007 - foto 16
Historisch Café 09-05-2007 - foto 17 Historisch Café 09-05-2007 - foto 18 Historisch Café 09-05-2007 - foto 19 Historisch Café 09-05-2007 - foto 20
Historisch Café 09-05-2007 - foto 21 Historisch Café 09-05-2007 - foto 22 Historisch Café 09-05-2007 - foto 23

Foto´s: Karel Bettink

Naar de archiefindex Naar boven